Gespreksonderwerp is graffiticasus of -pilot. Een gebiedsmanager en stadsdeelbeheerder Centrum en twee buurtverenigingsbestuursleden (Holtslag en ondergetekende) bespreken de vraag of en zo ja in hoeverre graffiti toeneemt, als overlast gezien moet worden en wat er evt. tegen te doen is. En wat de rol van de buurtvereniging in dezen is, of moet of kan zijn
Alle vier hebben we Plan van aanpak graffitibestrijding in Nijmegen gelezen, een integrale, structurele aanpak van Graffiti. In Nijmegen, gebaseerd op een rapport van aanpak in Den Haag, wordt vanuit allerlei hoeken succesvol samengewerkt. Deze aanpak leidt tot een vermindering van de spuitbusontsiering en is op termijn goedkoper (kosten in 2025: 275K) dan de tot dan toegepaste ad-hoc-praktijk.
In Groningen, 30 % groter dan Nijmegen en eveneens een studentenstad, is niet een integrale, gestructureerde aanpak. Als regel geldt: de eigenaar is verantwoordelijk voor de kosten. Gemeentelijke eigendommen, waaronder monumenten, komen voor rekening van de gemeente Dat deze opvatting wringt en schuurt is evident. Wel is er een zgn. hogedrukteam: een driemansformatie die met hogedrukspuiten schoonmaakacties onderneemt tegen verontreiniging van gevels, openbare toiletten, enz.
Het is lastig de materie te doorgronden. Er is geen centraal meldpunt voor g-overlast en wat gemeld wordt, wordt niet centraal geregistreerd. We hebben geen kennis en/of overzicht van
- De locaties;
- De kosten van verwijdering;
- De verhouding tussen schades aan gebouwen van bedrijven, particulieren en gemeentelijke monumenten;
- De ernst van het probleem: we weten niet of het toe- of afneemt;
- Wat er concreet tegen te doen is. Helpen coating, begroeiing en muurschilderingen?
- Hoe de scene van g-spuiters in elkaar steekt;
- Of er voldoende vrijplaatsen zijn;
- Hoe de aanpak van de RUG is.
Gaandeweg het gesprek komen we erachter dat Groningen graffiti niet dermate urgent vindt dat er een lik-op-stuk-beleid is opgezet en er een task-force wordt opgetuigd. Tekorten aan financiën en menskracht zijn hier debet aan.
Aan het eind van het gesprek wordt geopperd om stagiaires (denk aan HBO-opleiding bouwkunde met specialisatie vastgoed/makelaardij) een plan van aanpak te laten schrijven. Deze suggestie blijft wat in het luchtledige hangen. We nemen ons voor de komende tijd flink op het onderwerp te gaan kauwen. Wordt vervolgd.





